Dankzij autisme niet flexibel, wel vrijer dan ooit

autisme

‘Nee, ik kan ’s middags niet. Nee, nooit eigenlijk. Dan ben ik thuis bij mijn kinderen’. There, I said it. Dankzij autisme ben ik zo flexibel als een hardhouten deur en ik ben eindelijk op het punt om daar voor uit te komen.

autisme
De broers in het bos. Foto Tine van Knijff

Tesse heeft autisme maar momenteel gaat het best goed. Hij maakt sprongen in zijn ontwikkeling, doet ook wel dingen die je een normale ‘bijna achtjarige’ ook ziet doen en soms denken we zelfs dat ‘dat autisme’ even als een duveltje in een doosje is verdwenen.

Maar je weet hoe duveltjes in doosjes werken hè? Daarom. Daarom is het zo belangrijk dat dat kaartenhuisje dat we met z’n allen gebouwd hebben, zo stabiel mogelijk blijft staan: thuis en school zijn vaste, vertrouwde factoren in Tesse zijn dagen en weken.

Lekker duidelijk

We zijn ontzettend blij met Tesse zijn school: hij maakt een hele goede start dit jaar dankzij alle begeleiding die hij krijgt en dat merken we. Vorige week had ‘ie een invaljuf, volgens ingewijden een ‘best strenge’. Ik vroeg Tesse wat hij van haar vond: ‘lekker duidelijk!’
Morgen gaat ‘ie op schoolreis, de onderwijsassistente gaat mee. Wij kunnen hem daardoor met een gerust hart uitzwaaien, heerlijk gevoel is dat.

Dat ‘ie tegen robots en ‘managers’ praat die er niet zijn, ja dat weten ze op school en daarover gaan we weer in gesprek met de psych. En zo zijn er meer dingen: grote en kleine verdrietjes en grote en kleine ‘ontploffingen’. Maar we maken ons daar minder zorgen over dan voorheen. We kennen Tesse en als er wel iets misgaat hoeven we hem niet alleen op te vangen: we hebben een vangnet, een netwerk om ons heen.

Ingevulde tijd

Thuis gaat het goed: alles is duidelijk. Papa en mama werken om de beurt, dus Tesse weet wie hem wegbrengt en ophaalt en wie wanneer thuis is. Dat hij ’s middags een uur op een beeldscherm mag, dat we altijd even het bos ingaan, dat er daarna nog tijd is om met de lego te spelen voor het eten… De lijntjes zijn ingevuld, waardoor de ruimte binnenin vertrouwd voelt. Dat geeft rust.

Wat Tesse niet merkt, is dat onze planning als ouders enorm strak is. Het huishouden gebeurt terwijl Tesse naar school is, evenals de boodschappen. En ik werk tot manlief naar z’n werk gaat, we proberen tussen de middag samen te eten. Lukt soms wel, soms niet.

’s Avonds als de jongens op bed liggen, werk ik verder. ’s Middags vanaf twee uur ben ik thuis. Ik ben niet voor niets freelancer geworden: ik moet m’n eigen tijd kunnen indelen. Opdrachtgevers die me die ruimte geven, ben ik dankbaar. Vanochtend ook weer een heel leuk interview mogen doen. Daar geniet ik ook van.

Als het niet lukt, of er geen begrip is: dan is het niet anders. Ik denk dan: je staat niet in mijn schoenen, je hoeft het niet te begrijpen. En ik ben er waarschijnlijk ook niet heel duidelijk over geweest… Vanaf nu wel dus.

Onmogelijkheden accepteren

Het was vaak genoeg lastig en ik heb me dikwijls in honderd bochten moeten wringen. Maar nu zeg ik nee. Dan maar niet. Die tijd komt wel weer. Nu is het even belangrijk dat we het doen zoals we het doen: dit werkt. Niet alleen nu, maar later waarschijnlijk ook, zijn we blij met de stevige basis die we nu neerleggen.

Een vaste oppas hebben we niet, als oma oppast is het vaak maar eventjes. Nu hebben onze jongens wel de allerliefste oma die er bestaat, en één die superveel rekening met ze houdt, maar oma moet ook gewoon oma kunnen zijn… Daar kiezen we met z’n allen voor.

Als ik een leuke opdracht heb waarvoor ik een hele dag op pad moet, vraagt manlief vrij. Binnenkort is er zo’n dag. Manlief zei direct: ‘Dát is leuk, moet je doen! Ik ga kijken of ik vrij kan’. Kansen pakken, maar onmogelijkheden accepteren. Iemand zei eens tegen me: ‘maar dan ben je elke dag aan huis gekluisterd!’

In het bos

Zo zie ik dat niet. Als ik ’s middags met m’n jongens naar het einde van het bos loop en over het weiland naar de grote weg kijk waar de auto’s overheen razen, denk ik: ‘jullie moeten allemaal ergens naartoe. Ik voel elke middag de wind door m’n haren terwijl m’n jongens in hun laarzen over de bosgrond denderen, met handen en broekzakken vol besjes en takjes. Wie is er nu vrijer?’

Tine van Knijff

13

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *