Over fietsen, botsen en ‘een prikkel voor een prikkel’

Op Facebook en Instagram plaatste ik jubelberichtjes: ‘Tesse fietst na twee jaar weer!’ en: ‘Semme fietst helemaal naar de stad!’ En dat is ook zo. Maar ‘achter de schermen’ gebeurt tijdens en na die mijlpalen ook het een en ander. Want autisme fietst natuurlijk gewoon mee.

Semme tijdens onze fietstocht naar de stad. Foto: Tine van Knijff
Semme tijdens onze fietstocht naar de stad. Foto: Tine van Knijff

Het verschil tussen Tesse en Semme: Tesse ontploft op het moment dat de emmer volloopt, Semme ontploft veel later. Waar Tesse na een activiteit de rust opzoekt, zoekt Semme juist onrust op. Dat botst. Over botsingen gaan we het zo meteen nog even hebben…

Tesse op de fiets

Tesse weer op de fiets krijgen is een project dat nu al twee jaar duurt. Hij kan het gewoon, technisch gezien. Het is gewoon motorisch allemaal wat onhandig. En het combineren van vaardigheden zoals je evenwicht bewaren en trappen en sturen én op eventuele tegenliggers letten is superlastig. Na twee jaar hadden we hem deze zomer eindelijk zover: op het pleintje in het bos stapte Tesse weer op de fiets. Manlief stond in de startblokken om onze stevige jongen te ondersteunen, maar Tesse riep algauw: ‘Laat maar los, ik kan heus wel fietsen hoor!’ Kon ‘ie ook, dus na een aantal rondjes vroegen we hem op het bospad verder te fietsen. Er werd meer gestept en commentaar gegeven dan gefietst maar goed, we waren op weg.

Tot Tesse na een bocht ineens een struik op zich af zag komen en in plaats van bijsturen besloot armen en benen en alles in de lucht te laten wapperen. Tesse en fiets werden door de struik omarmd… Manlief plukte Tesse en tweewieler uit het groen, maar Tesse was al woest! En toen durfde ‘ie niet meer. Een stortvloed aan argumenten moesten ons overtuigen van de noodzaak van een onmiddellijke terugkeer naar huis – te voet natuurlijk. ‘Er zijn hier heel veel bochten en struiken!’, ‘Ik ga zo vast weer crashen!’, ‘Ik hóef helemaal niet te fietsen!’, ‘Ik ga nóóit meer fietsen!’, etc. etc. Wij hebben alle argumenten afgekapt, we hadden beiden heel goed in de gaten: als we nu opgeven, zijn we zomaar wéér twee jaar verder. En discussies met Tesse kennen geen einde als je ze niet zelf beëindigt.

Uiteindelijk zat ‘ie weer op de fiets. En hij hééft gefietst! Toen we thuis waren zei Tesse zelfs: ‘Fietsen is vrijheid!’ Dat hebben we natuurlijk beaamd. En toen zijn we met klotsende oksels onderuitgezakt op de tuinstoelen… Pfff… Hard werken hoor, dat fietsen! Maar het is wel gelukt en Tesse heeft inmiddels nog een keer gefietst. Het is nog steeds niet bepaald zijn favoriete bezigheid en hij blijft nog veilig in het bos, maar het voelt als een enorme mijlpaal.

Lees verder onder de foto

Tesse fietsend over het bospad. Foto: Tine van Knijff
Tesse fietsend over het bospad. Foto: Tine van Knijff

Semme op de fiets

Semme, zijn kleine broertje, had tijdens het fietsavontuur van zijn grote broer het hoogste woord. Die fietst namelijk al een aantal weken zelf. Soms zelfs met één hand los: ‘kijk maar! Kijk dan!’ En samen met mij door de wijk. En al één keer helemaal naar opa en oma toe. Vanochtend zijn we naar de stad gefietst. Qua afstand ongeveer net zo ver als naar opa en oma, maar wel met veel meer verkeer en drukte. Het ging heel goed en wie ons zag fietsen, zag een gelukkige vijfjarige en een trotse moeder. Maar Semme houdt zich in. Doet ‘ie altijd. En dan is het de rest van de dag bal. Dat had ik ook wel in de gaten en daar had ik me – dacht ik – wel goed op voorbereid. Maar ik heb me toch weer laten strikken.

Zoals ik in het begin al schreef: Semme zoekt na een spannend iets de onrust op. Hij vervangt als het ware die ene grote prikkel het liefst door een andere, zodat ‘ie die eerste maar kwijt is. Vandaag daagde ‘ie manlief uit, tot die aan het werk ging. En vanavond was ik aan de beurt. Semme zijn tactiek is vrij simpel: gewoon niet luisteren. Net zolang tot mama’s aandacht volledig op mij is gericht. Niet eten dus, niet luisteren, gewoon van tafel gaan en trampoline springen. Vervolgens geen sjoege geven als dat betekent dat ‘ie meteen op bed mag. Semme zei gewoon: ‘Dat interesseert mij niet’. Glashard. Dus op bed-retteketet.

Tesse mocht nog even blijven zitten en toen die ook op bed lag, ging ik nog even bij Semme kijken. Die was heel onrustig en baadde letterlijk in zijn eigen zweet: kletsnat… Hij had al gedroomd en dat was allemaal niet leuk. En wat zei ‘ie: ‘Er is geen ruimte voor fietsen en auto’s bij elkaar in Nederland’. Wat blijkt: hij had het vanochtend supereng gevonden, dat fietsen naar de stad. Er waren auto’s voor hem, auto’s achter hem en er kwamen auto’s ‘op hem af rijden’. Hij had continu gedacht dat ze tegen hem aan zouden gaan rijden. ‘Zoveel botsingen!’ Die angst voor al die bijna-botsingen had ‘ie vakkundig vervangen door een botsing met mij… Ik verwenste mezelf dat ik er weer ingetrapt was… Een echte Semme ‘prikkel voor een prikkel’.

Dit is autisme. En dit zijn twee heel verschillende jongens met autisme. En net zoals zij leren fietsen en elk op hun eigen tijd leren omgaan met andere verkeersdeelnemers, leren wij ons bewegen in hun wereld. En dat is net zo lastig. En gaat gepaard met evenveel bloed, zweet en tranen. Opfietsen? 😉

Tekst: Tine van Knijff-van Hijum

Facebook
Facebook
Instagram
Volg via E-mail
RSS

Blij met mijn blog? Volg, like en deel!