Het werd net een beetje licht. Een aalscholver dook onder in de Súd Ie en kwam spetterend weer boven. Verder was het stil. Een vroege vogel, net als ik. Soms komen we meer honden en baasjes tegen, vandaag niet. Het zou glad zijn, maar dat is het amper. Het is minder koud dan eerder deze week. Maar toen kreeg ik ergens anders kippenvel van.
Die ochtend was het rond dezelfde tijd donkerder op de plek waar we nu langs lopen. Het schemerde nog, was een beetje mistig. Als we om een bepaalde hoek komen, letten we beiden altijd op of er iemand van de andere kant komt. Deze keer niet. Maar het leek alsof er wel iemand was. Iemand die bukte, iets van de grond pakte of er juist iets neerlegde. Iemand met een pet op, zo’n platte. Scherpe trekken om het gezicht.
Verdwenen in het niets
Twee stappen verder was hij weg. Verdwenen in het niets. Ik had kippenvel, Billy hield zijn kop omhoog. Beiden alert. Hij kon niet zomaar weg zijn, dan hadden we hem moeten zien weglopen. We lopen langzaam verder. Er is echt niemand.
De rest van onze wandeling mijmer ik over wat we gezien hebben. Ik heb het idee dat het een boer was. Hij had zo’n boerenpet op, magere trekken om het gezicht. Ik zag een silhouet, over kleding ben ik niet zeker. Was het een boerentenue? Ouderwetse kleding? Hebben wij iemand gezien die hier eerder heeft gewoond?
Soms zie je in de schemering dingen die in het volle licht niet opvallen. Of het echt iets is, of een beeld dat je in je hoofd samenstelt uit de schaduwen en contouren, weet ik niet. Het gebeurt heel soms. En er hoort ook een apart gevoel bij. Alsof je even onderdeel bent van iets, je even een glimp ergens van wordt getoond.
Kippenvel
Ik ben toch nieuwsgierig. Stond er op ooit op de plek van de stadscamping en de voormalige tennisbanen misschien een boerderij? Het antwoord dat ik online vind bezorgt me opnieuw kippenvel. Hier stond oorspronkelijk een boerderij die de basis vormde voor de huidige IJsherberg. Er heeft hier dus inderdaad een boer gewoond en gewerkt.
In de 18e eeuw was het pand een boerderij-herberg. De boer die er woonde, combineerde het boerenbedrijf met het bieden van onderdak aan reizigers die Dokkum via de landpoorten bezochten. De boerderij beschikte over een grote doorrit (trochreed) waar paarden gestald en verzorgd konden worden terwijl de reizigers binnen aten.
Tot 1925 hoorde dit terrein officieel niet bij de stad, maar bij de omliggende plattelandsgemeente. Het was echt het erf van een boer aan de rand van de stad. Pas in de 20e eeuw maakten de weiden van de boerderij plaats voor de tennisbanen en uiteindelijk de camping.
Spel van licht en schaduw
Poeh. Daar ben ik even stil van. Hebben wij deze boer gezien? Kan dat? Heeft hij ooit op deze plek gestaan, zich naar de grond gebogen en daar iets opgepakt, bekeken of neergelegd? We hebben iets gezien, een glimp, een venster naar het verleden misschien. Of gewoon een spel van licht en schaduw in de vroege ochtend.
Dit is ons vaste ochtendblok, dus elke ochtend daarna let ik scherp op. Natuurlijk gebeurt er niets. Behalve de duikende aalscholver. Kon ik die maar vragen: was jij hier eerder deze week ook? Wat heb jij gezien? Misschien is het voor dieren wel heel normaal om in de schemering te zien en voelen waar wij mensen met al onze drukte vaak geen oog voor hebben.
Hoe het vroeger was
Wat ik zeker weet, is dat we wandelen op een plek vol geschiedenis. Wat nu een camping en voormalig tennisterrein is, was ooit het erf van een boer die hier woonde en werkte. In de schemering van het vroege uur kun je soms voelen dat het verleden nog een beetje aanwezig is. Heel stilletjes en vluchtig, en als er niemand anders is. Even een glimp van hoe het hier vroeger was. Kan dat het echt geweest zijn?
Tine van Knijff-van Hijum
Noordvrouw
P.S. Benieuwd naar het vervolg? Lees het hier.

